Duurzaamheid krijg steeds meer aandacht binnen de publieke sector en de samenleving als geheel. Om de klimaatdoelen voor 2030 en 2050 te behalen, is het belangrijk dat circulariteit vanaf de start en op een structurele wijze wordt meegenomen in infrastructuurprojecten. Toch ervaren gemeenten hierbij nog veel uitdagingen. Vaak ontbreekt een gestructureerde aanpak, waardoor initiatieven versnipperd zijn en circulariteit pas in een later fase in het proces aandacht krijg of helemaal geen aandacht krijg. Dit leidt ertoe dat waardevolle mogelijkheden voor hergebruik en verduurzaming onbenut blijven.
In dit onderzoek, uitgevoerd vanuit het programma Infra Futurelabs Overijssel in samenwerking met het Smart Solutions Semester van Hogeschool Saxion, is gewerkt aan het vraagstuk: “Hoe kan een integrale en uniforme aanpak voor gemeenten en het werkveld worden gerealiseerd en geïmplementeerd?”
Uit gesprekken met gemeenten blijkt dat er in de huidige situatie vooral behoefte is aan praktische ondersteuning. Er ontbreken concrete handvatten zoals uniforme meetmethoden, duidelijke rollen en helder criteria om circulariteit te beoordelen en te sturen. Bovendien blijkt samenwerking tussen en binnen gemeenten vaak lastig door een gebrek aan gemeenschappelijke afspraken en structuur.
Werkwijze en processen- verschillen tussen gemeenten
Gemeenten verschillen sterk in hun manier van werken rondom circulariteit. Grotere gemeenten beschikken meestal over meer interne expertise en formele processen. Kleinere gemeenten zijn vaak afhankelijk van enkele personen die meerdere taken combineren, wat meer flexibiliteit bied maar ook leidt tot minder gestandaardiseerde werkwijzen. Deze verschillen bemoeilijken het delen van kennis en het gezamenlijk behalen van de doelen.
Visie op de uniforme aanpak
Om de uitdagingen te tackelen, is een uniforme aanpak ontwikkeld die voor elke gemeente toepasbaar is, ongeacht grootte of beschikbare middelen. Deze aanpak maakt het mogelijk om op elk gewenst moment in te stappen en eigen ambities te formuleren, terwijl er ruimte blijft voor lokale invulling. Cruciaal zijn daarbij duidelijke definities en methodieken voor meten en toetsen.
Toepasbaar maken van de uniforme oplossing
De aanpak rust op enkele belangrijke pijlers: duidelijke definities, meet- en toetsinstrumenten (zoals WIZZR en MKI) en een actief proces van kennisdeling. Dit zorgt voor een gemeenschappelijke basis waarbij circulaire doelstellingen vroeg in projecten worden vastgelegd en op een consistente manier worden gemeten, zonder daarbij de flexibiliteit uit het oog te verliezen.
Oplossingsrichtingen en implementatie
In het onderdeel oplossingsrichtingen en implementatie in het adviesrapport is uitgelicht welke instrumenten en hulpmiddelen nodig zijn om aan de wensen van gemeenten en het werkveld te voldoen, hoe het eindproduct gerealiseerd kan worden, en welke randvoorwaarden en knelpunten meespelen bij de implementatie van deze uniforme aanpak.
Hulpmiddelen en meetmethoden
Als hulpmiddelen is geadviseerd:
- WIZZR als toetsingsmethode.
Voor de toetsing van afspraken tussen gemeenten en opdrachtnemers is de keuze gevallen op de WIZZR-methodiek, vanwege de gebruiksvriendelijkheid en bewezen inzetbaarheid bij de SROI-aanpak.
Deze methodiek wordt momenteel al door veel gemeenten succesvol toegepast voor de verantwoording van Social Return on Investment (SROI)-afspraken. Dankzij deze bestaande toepassing zijn gemeentelijke organisaties en medewerkers bij deze gemeenten al bekend met de werkwijze, structuur en gebruikersinterface van het systeem.
- Integratie van DuSpot in WIZZR.
De koppeling van DuSpot met WIZZR kan gedetailleerd inzicht bieden in welke opgeslagen materialen er geschikt- en beschikbaar zijn voor hergebruik. De integratie van DuSpot met WIZZR maakt het mogelijk om circulaire prestaties te toetsen op basis van de materiaalstromen die DuSpot inzichtelijk heeft, en niet alleen op basis van vastgelegde afspraken. Door informatie uit DuSpot te gebruiken als onderbouwing in de monitoring en toetsing binnen WIZZR, ontstaat er een directe koppeling tussen de afspraken die vastgelegd zijn in het bestek en hoe dit in de praktijk uitgevoerd is. Hierdoor wordt de toetsing van circulariteit concreter, meetbaarder en betrouwbaarder.
- MKI-score als meetmethode.
De MKI is een veelgebruikte methode binnen de bouw- en infrasector voor het creëren van inzicht in de mate van circulariteit van materialen en producten. De score wordt uitgedrukt in euro’s per eenheid, waarbij deze waarde de maatschappelijke kosten vertegenwoordigt die nodig zijn om de milieueffecten van een materiaal of product ongedaan te maken.
Er zijn een aantal beperkingen met het gebruik van de MKI-methode, zoals het ontbreken van losmaakbaarheid in de berekening en het feit dat de potentiële milieuwinst op voorhand wordt meegenomen. Ondanks deze beperkingen biedt MKI op dit moment de beste standaard voor meten van milieuprestaties in de GWW-sector.
Herziening ontwerp uniforme aanpak GWW
Daarnaast is advies gegeven over een herziening van de huidige uniforme aanpak. Hierbij staat centraal hoe de aanpak beter aansluit op de behoeften van gemeenten, met meer structuur, meetbaarheid, standaardisatie en ruimte voor maatwerk. Gemeenten benadrukken het belang van een werkwijze die bruikbaar, laagdrempelig, meetbaar en gestandaardiseerd is. Tegelijkertijd is succes afhankelijk van randvoorwaarden: een gedeelde definitie van circulariteit, een sluitende meetmethodiek, breed draagvlak binnen en tussen gemeenten en structurele kennisdeling. Zonder deze voorwaarden blijft circulariteit een vrijblijvend begrip.
In de herziene aanpak hebben op de volgende aspecten wijzigingen plaatsgevonden:
- Meer structuur en duidelijkheid in het proces: het stappenplan leidt gebruikers stap voor stap door het traject, waardoor het proces beheersbaar en overzichtelijk wordt.
- Betere meetbaarheid van circulariteit: circulaire ambities zijn gekoppeld aan concrete indicatoren, zodat de voortgang en resultaten objectief kunnen worden gevolgd.
- Stappen in het proces worden meer aan elkaar gekoppeld: in plaats van dat deze los staand zijn In plaats van losse richtlijnen is er nu een samenhangend proces waarbij keuzes en acties logisch op elkaar volgen. Dit voorkomt versnippering en versterkt de consistentie.
- Meer mogelijkheden voor samenwerking en maatwerk: de aanpak laat ruimte voor verschillende contractvormen en fase waarin gemeenten kunnen instappen. Zodat het beter aansluit bij diverse projecten en lokale wensen.
- Een sterke focus op kennisdeling en leren over projecten en gemeenten heen: door gestructureerde terugkoppeling van ervaringen wordt een lerende gemeenschap gevormd die samen continu verbetert.
- Duidelijk onderscheid in de werkwijzen per contractvorm: door expliciet te kiezen tussen bouwteam of RAW-bestek kan de aanpak beter inspelen op de specifieke kenmerken en kansen van elk type contract.
Toepasbaarheid op bestek
Hoewel Pioneering op termijn minder afhankelijk wil zijn van traditionele bestekken, is er vanuit gemeenten juist behoefte aan direct toepasbare instrumenten om circulaire ambities concreet te maken. Om die reden is gekozen voor het ontwikkelen van een voorbeeldbestek. Dit bestek dient als praktisch hulpmiddel waarmee gemeenten circulaire uitgangspunten en ambities explicieter kunnen opnemen in hun aanbestedingsproces.
Advies en implementatie
Deze uniforme en praktische werkwijze helpt gemeenten om circulariteit structureel mee te nemen in infrastructuurprojecten. Het biedt een goede oplossing voor de huidige problemen en draagt bij aan het bereiken van de doelen voor 2030 en 2050. Het advies is om deze aanpak verder te gebruiken en te verbeteren, waarbij maatwerken en samenwerking belangrijk blijven. Door samen kennis te delen, kunnen gemeenten de aanpak steeds beter maken.
Aanbevelingen
Vervolgonderzoek is nodig om samen met gemeenten de definitie van circulariteit, de meet- en toetsingsmethodes en de toepassing van instrumenten te concretiseren. Dit helpt om de uniforme aanpak beter te laten aansluiten op verschillende gemeentelijke situaties en behoeften.
Adviesrapport
Lees hieronder het volledige adviesrapport.









