Deze studie onderzoekt hoe de Gemeente Enschede samenwerkt met lokale innovatielabs en welke factoren bepalend zijn voor de intensiteit van die samenwerking. Door onderzoek te doen naar innovatielabs in Gemeente Enschede wordt in deze masterscriptie bepaald hoe een gemeente het beste labs kan indelen, wat de mogelijke voordelen zijn van samenwerking en welke factoren doorslaggevend zijn in de keuze om wel of niet samen te gaan werken. Innovatielabs spelen een groeiende rol in de ontwikkeling van lokaal beleid en maatschappelijke vernieuwing, maar er bestaat nog weinig inzicht in hoe gemeenten dergelijke samenwerkingen effectief kunnen vormgeven.
Doel en onderzoeksvraag
Het doel van dit onderzoek is om te analyseren welke factoren de mate van samenwerking tussen Gemeente Enschede en lokale innovatielabs beïnvloeden. De centrale onderzoeksvraag luidt:
“Welke factoren zijn indicatief voor de mate van samenwerking tussen Gemeente Enschede en lokale innovatielabs?”
Methode
Er is gebruikgemaakt van een kwalitatieve, exploratieve onderzoeksmethode.
Twaalf innovatielabs in Enschede – variërend van academisch en publiek-gedreven tot private en creatieve labs – zijn geselecteerd via sneeuwbalsampling en geïnterviewd. Daarnaast zijn gemeentelijke beleidsdocumenten, zoals het coalitieakkoord en begrotingen, geanalyseerd.
Bevindingen
- Eigenaarschap als sleutelindicator:
De sterkste voorspeller van een intensieve samenwerking is de combinatie van financiële betrokkenheid en bestuurlijke invloed van de gemeente binnen een lab. Wanneer de gemeente zowel middelen bijdraagt als meebeslist, is er sprake van een sterke en duurzame samenwerking. - Acceptatie van pluriform bestuur:
Een lage mate van samenwerking komt vooral voort uit institutionele weerstand tegen pluriformiteit van bestuur – wanneer de gemeente moeite heeft te accepteren dat andere organisaties ook binnen hetzelfde beleidsveld opereren. - Financiële afhankelijkheid is géén garantie voor samenwerking:
Labs die financieel afhankelijk zijn van de gemeente hebben niet per definitie een nauwere relatie. Sommige volledig gesubsidieerde labs ervaren nauwelijks contact, terwijl kleinschaliger gesteunde labs juist intensief samenwerken. - Onbenut potentieel:
Veel labs geven aan bereid te zijn tot meer structurele samenwerking in co-creatie van beleid, vooral op thema’s als onderwijs, innovatie, en maatschappelijke vraagstukken. De gemeente benut deze capaciteit echter nog beperkt. - Typologie en contextfactoren:
Elk lab kan worden ingedeeld binnen een bestaande typologie (zoals firm-driven, academic-driven, living lab), maar ook type-overstijgende kenmerken zoals interne/externe oriëntatie en volwassenheid van het lab zijn bepalend voor de samenwerkingsdynamiek.
Conclusie
Een succesvolle samenwerking tussen gemeente en innovatielabs vraagt om gedeeld eigenaarschap, bestuurlijke openheid en wederzijds vertrouwen. Niet de hoogte van de subsidie, maar de mate van strategische betrokkenheidbepaalt de kwaliteit van de relatie. Gemeente Enschede heeft aanzienlijke kansen om via co-creatie met lokale innovatielabs beleid effectiever, innovatiever en inclusiever te ontwikkelen.
Aanbevelingen
- Vergroot bestuurlijke participatie van de gemeente in bestaande labs om eigenaarschap te versterken.
- Erken pluriformiteit: laat maatschappelijke en academische partijen een volwaardige rol spelen in beleidsontwikkeling.
- Institutionaliseer samenwerking door vaste contactpersonen en structurele overlegvormen in te richten.
- Maak beter gebruik van bestaande kennisnetwerken, bijvoorbeeld via Tetem, Pioneering en ChallengeLAB Twente.
- Stimuleer co-creatieprojecten rond gemeentelijke prioriteiten zoals onderwijs, inclusie en duurzaamheid.
Volledige publicatie
Klik hier om meer te lezen over het onderzoek via Universiteit Twente.







